
Een plek voor onze kinderen om trots naar terug te keren!
Wie opgroeit in Culemborg, groeit op met de vrijheid van lopen door de uiterwaarden, met het herkenbare silhouet van de brug over de Lek en dat gekke gevoel van een stad die stiekem aanvoelt als een dorp.
Ik was een van die jongeren die de koffers pakte om in een grote stad, in mijn geval Maastricht, te gaan studeren en werken.
Na acht jaar in het zuiden van ons land gewoond te hebben, ben ik alweer een aantal jaar terug. Als werkende moeder van drie jonge kinderen sta je steeds vaker stil bij hoe wij de wereld achterlaten voor onze kinderen.
Binnen het CDA wordt dat ook wel rentmeesterschap genoemd, één van onze kernwaarden. Voor mij is het inmiddels veel meer dan een politieke term of kernwaarde.
Het is het besef dat wij de wereld — en onze prachtige stad — niet hebben geërfd van onze ouders, maar te leen hebben van onze kinderen.
Ook gaat het niet alleen over het goed beheren van onze stad. Het gaat ook over innoveren en waar dat kan te zorgen dat je het net een beetje beter achterlaat.
Als we nu niet investeren — in woningbouw voor starters en doorstromers, in sport, in lokale economie — dan geven we straks een lege huls door
Rentmeesterschap is eigenlijk heel hoopvol: het is het geloof dat we door nu verstandige of moedige keuzes te maken, iets moois kunnen doorgeven. Het doet een beroep op ons allemaal. Bij het CDA kijken we daarbij niet alleen naar de markt of de overheid, maar naar het grotere plaatje.
Ik hoop me vanaf maart in te mogen zetten voor Culemborg. Zodat onze kinderen later, ook al vliegen ze misschien uit, altijd een plek hebben waar ze met trots naar kunnen terugkeren. Een plek die we in goede staat voor hen hebben bewaard.